Toespraak door Jan van Zanen bij de viering van 300 jaar Portugees-Israëlitische synagoge en de 50ste verjaardag van de herinwijding door de Liberaal-Joodse Gemeente Beth Jehoeda, 4 juni 2026 

 

Excellenties, 

Geachte aanwezigen, 

 

300 jaar Snoge. 

Dat is de getuigenis van 3 eeuwen Joods leven in Den Haag. 

Dit 300 jaar oude monumentale gebouw vertelt ons een verhaal. 

Het vertelt ons een verhaal dat onderdeel uitmaakt van een groter verhaal, dat van Den Haag. 

Stad zonder muren. 

Stad waar de wereld thuis is. 

Waar vele talen klinken en vele geloven beleden worden. 

 

Boven de hoofdingang van dit huis staat een psalmtekst die al drie eeuwen lang iedereen verwelkomt die hier binnenkomt: “Hoe lieflijk zijn Uw woningen.”   

Die woorden uit Psalm 84 vormen een belijdenis. 

Een herinnering dat een huis van gebed een plaats van schoonheid, vrede en ontmoeting is. 

En dat is deze synagoge, al 300 jaar. 

 

Het 300jarig bestaan van de Snoge vertelt ons het verhaal van de geschiedenis van de PortugeesJoodse gemeenschap in Den Haag. 

En van voorname families als Lopez Suasso en De Pinto. 

Zij gaven, mede door hun contacten met het stadhouderlijke hof, een belangrijke impuls aan de ontwikkeling van onze stad. 

Toen in 1813 Den Haag leden van de burgerij werden toegelaten worden van de gemeenteraad, was daar ook iemand uit de PortugeesJoodse gemeenschap bij: Isaac (Henriques) de Castro. 

 

Toch is dit jubileum niet alleen een feestelijk maar ook een aangrijpend moment. 

Want we staan vandaag immers ook stil bij de 50ste verjaardag van de herinwijding van dit gebouw door de LiberaalJoodse Gemeente Beth Jehoeda. 

Dat de LJG hier nu thuis is, en niet de PortugeesJoodse gemeente die dit huis bouwde, heeft alles te maken met de grootste ramp die Den Haag ooit heeft getroffen. 

De Shoah maakte een einde aan een eeuwenoude gemeenschap. 

De Snoge kwam leeg te staan. 

Een stilte die niet alleen fysiek was, maar ook moreel en menselijk. 

 

En toch, juist in die stilte ontstond nieuw leven. 

In de jaren zeventig namen de leden van de LJG en Rabbijn Soetendorp, een moedige beslissing. 

Zij waren pioniers en namen persoonlijke risico’s. 

Met beperkte middelen, maar met een groot hart en een nog groter verantwoordelijkheidsgevoel, kozen zij ervoor dit gebouw voort te laten bestaan als gebedshuis. 

Dankzij hun inzet en hun vasthoudendheid, staat de Snoge er nog. 

Niet als museum, maar als levende synagoge. 

Als plaats van gebed, studie en gemeenschap. 

 

De LJGsynagoge aan de Prinsessegracht herbergt een schat van onschatbare waarde: de oudste Torarol van Nederland en een van de oudste ter wereld. 

Een symbool van continuïteit, van veerkracht, van het doorgeven van licht in donkere tijden. 

Oudburgemeester Wim Deetman is vandaag aanwezig. 

Hij speelde een belangrijke rol bij de restauratie van dit gebouw in de jaren negentig en bij de totstandkoming van de Glazen Zaal. 

Zijn betrokkenheid belichaamt iets groters: dat de geschiedenis van Joods Den Haag niet alleen een Joodse geschiedenis is, maar een Haagse geschiedenis. 

 

Vandaag staan we stil bij 300 jaar Snoge en de herinwijding als sjoel van de LJG, 50 jaar geleden. 

We doen dat in een tijd waarin Joodse Hagenaars zich opnieuw onveilig voelen. 

Sinds 7 oktober 2023 is het gevoel van uitsluiting en angst sterk toegenomen. 

Dat raakt mij. 

Dat raakt ons allemaal. 

Want in een stad zonder muren hoort niemand zich terug te trekken achter onzichtbare muren van angst. 

 

Laat mij daarom vandaag, hier, op deze plek, onze solidariteit uitspreken met de Joodse inwoners van Den Haag. 

U bent een onmisbaar deel van onze stad. 

Uw geschiedenis is onze geschiedenis. 

Uw veiligheid is onze verantwoordelijkheid. 

Uw toekomst is onze gezamenlijke opdracht. 

 

300 jaar Snoge. 

50 jaar LJG in dit huis. 

Het zijn mijlpalen die ons herinneren aan immens verlies, maar ook aan enorme veerkracht. 

Aan de kracht van gemeenschap, geloof en volharding. 

 

Moge deze plek, deze lieflijke woning, voor altijd, een huis van licht blijven. 

Een huis van vrede. 

Een huis waar Den Haag zichzelf in herkent: open, divers en verbonden.