Geachte wethouders De Mos en Dubbelaar,
Beste Richard, beste Arjen,
Na jarenlang het kloppend hart van Hart voor Den Haag te zijn geweest,
bent u deze zomer toegetreden tot het college van burgemeester en wethouders.
Daarmee kwam voor u beiden een einde aan een lange periode als volksvertegenwoordiger.
Een essentiële rol in onze democratie, waar ik graag kort bij stil wil staan.
Niet in de laatste plaats omdat die rol hier vandaag ook door 45 andere aanwezigen wordt vervuld.
Een van mijn voorgangers, oud-burgemeester Wim Deetman, was tijdens zijn ambtsjaren de drijvende kracht achter de oprichting van ProDemos.
Een van zijn gevleugelde uitspraken als burgemeester was, en ik citeer:
“Democratie komt niet uit de lucht vallen.”
Ook stelde hij dat democratie niet begint in het Den Haag van ons nationale parlement, maar in onze gemeenten.
Daarmee benadrukte hij het grote belang van de lokale democratie.
Dankzij lokale volksvertegenwoordigers, dankzij u dus, klinkt de stem van de straat in de raad.
U bent gekozen om namens uw kiezers te spreken.
Om bij het vervullen van uw controlerende, richtinggevende en kaderstellende taak ook hun belangen af te wegen.
Dat is zowel een grote verantwoordelijkheid als een tijdrovende bezigheid.
Want wie de stad wil vertegenwoordigen, moet eerst de stad begrijpen.
Begrijpen wat bewoners en ondernemers bezighoudt.
Wat hun wensen zijn.
Waar hun zorgen liggen.
Daarom zijn raadsvergaderingen zoals deze slechts het topje van de ijsberg.
Aan uw werk in de raad gaan talloze gesprekken vooraf.
Aan keukentafels, op sportverenigingen, in wijkcentra, op de markt en op straat.
Die vormen de basis voor de beslissingen die u hier neemt, of hebt genomen.
Die rol heeft u beiden op geheel eigen wijze ingevuld.
Laat ik beginnen met u, wethouder De Mos.
Beste Richard,
Uw wieg heeft hier niet gestaan en toch stroomt Den Haag door uw aderen.
Met een Haagse moeder en een Scheveningse vader kan dat bijna niet anders.
Dat u hier al de helft van uw leven woont en werkt, helpt natuurlijk ook.
Als onderwijzer op basisscholen in het Transvaalkwartier en de Spoorwijk
leerde u de Haagse samenleving tot in haar haarvaten kennen.
In 2007 maakte u de overstap naar de landelijke politiek.
U was ruim drie jaar Tweede Kamerlid voor de PVV en werd in 2010 lid van de Haagse gemeenteraad voor diezelfde partij.
Later keerde u het ándere Den Haag goeddeels de rug toe ten gunste van ons eigen Den Haag.
U deed dat als oprichter van Groep De Mos, het latere Hart voor Den Haag.
Met uw eigen stijl wist u de Haagse harten van een flinke groep kiezers te winnen.
In 2018 leidde u uw partij naar een verkiezingsoverwinning en werd Hart voor Den Haag de grootste partij in de gemeenteraad.
Daarna werd u voor het eerst wethouder.
Die ambtsperiode kwam na ruim een jaar abrupt ten einde.
Dat was het begin van een slepende en voor u zeker ook emotionele periode.
Wel werd u al snel weer raadslid.
De afgelopen gemeenteraadsverkiezingen brachten u opnieuw een overwinning.
En nu is er een nieuwe coalitie en een nieuw college.
Opnieuw met u als wethouder.
Hiermee is voor u – in ieder geval voor nu – een einde gekomen aan een lange periode als volksvertegenwoordiger.
In totaal vervulde u deze belangrijke rol ruim zeventien jaar.
Uit waardering voor uw inzet voor onze democratie én uw inspanningen als kamerlid en raadslid, is aan u een Koninklijke Onderscheiding toegekend.
Het doet mij een genoegen u nu de versierselen op te mogen spelden die hierbij horen.
Van harte gefeliciteerd.
Geachte wethouder Dubbelaar, beste Arjen,
Als geboren en getogen Hagenees bewaart u goede herinneringen aan De Marathon.
In die befaamde Haagse discotheek, die in de jaren negentig haar deuren sloot, leerde u uw vrouw kennen.
Jaren later hoorde u dat Richard de Mos zich inzette voor het behoud van het pand waar De Marathon lange tijd gevestigd was.
Dat bracht u ertoe zelf actief te worden in de politiek.
Zo werd u uiteindelijk raadslid van Groep De Mos en later van Hart voor Den Haag.
Vanuit uw professionele achtergrond als beheerder van vastgoed hield u zich in deze raad vooral bezig met wonen, bouwen en de lokale woningmarkt.
Daarmee leverde u jarenlang een herkenbare bijdrage aan het debat over onze stad.
Verder was u enige tijd fractievoorzitter en ook voorzitter van de enquêtecommissie Amare.
Opvallend is uw onverstoorbaarheid, zelfs in felle debatten.
Uw ‘pokerface’ verraadt weinig.
Wel stelt u vaak de vraag:
“Hoe dan?”
En daar klinkt dan meestal toch een zekere verbijstering in door.
Ook bij u beperkte uw inzet zich natuurlijk niet tot de raadszaal.
U trok graag de wijken in om met Hagenaars en Hagenezen van gedachten te wisselen, tijdens bijeenkomsten of tijdens wijkschouwen.
Daarnaast ontpopte u zich in verkiezingstijd tot een fanatieke posterplakker.
U deed niets liever dan met een auto volgeladen met verkiezingsposters, bezems en emmers lijm Den Haag in te trekken.
Geen bord of muurtje leek in die dagen veilig voor uw geplak.
Nu bent u wethouder.
Waarmee dus ook een einde kwam aan uw tijd als raadslid, een functie die u ruim twaalf jaar hebt vervuld.
Voor uw inzet als volksvertegenwoordiger in de gemeenteraad van Den Haag is u een Koninklijke Onderscheiding toegekend.
Daarom overhandig ik u graag de versierselen die hierbij horen.
Van harte gefeliciteerd.