Afscheid Mariëlle Vavier in de raadsvergadering van 16 juli 2026

 

Beste Mariëlle,

Aan de muur van jouw werkkamer hangen – ‘hingen’ inmiddels, vermoed ik – achter je portretten van allerlei vrouwen

die zich in Den Haag hebben laten gelden.

Na bijna vier jaar als wethouder pas jij naadloos in dat rijtje.

 

Die portrettengalerij was naar verluidt ook een verkapte boodschap

aan mannen die op betweterige toon zaken kwamen uitleggen.

Want op ‘mansplaining’ zat je nooit te wachten.

 

Begin jaren 90 verruilde je vanwege je studie

je geboorteplaats Waddinxveen voor Den Haag.

Al snel raakte je verknocht aan deze groene stad aan zee,

met haar grote rijkdom aan achtergronden, nationaliteiten, kleuren en culturen.

Een stad waarvoor je je actief ging inzetten.

 

Hier in de raad begon je als fractievertegenwoordiger.

Vanaf 2018 werd je raadslid, zo’n vier jaar later volgde het wethouderschap.

In een interview ter gelegenheid van jouw aantreden deed je destijds een belofte.

Je zei, en ik citeer:

“Ik zal altijd opkomen voor de mensen die niet worden gehoord en gezien.

Ook wil ik onrechtvaardigheid en ongelijkheid bestrijden.”

Dat is je uitgangspunt gebleven.

Zo zette jij je in voor het verruimen van armoederegelingen.

Daarmee stak je bewoners die deze steun het hardst nodig hebben een helpende hand toe.

Het gebruik en de toekenning van de Ooievaarspas nam tijdens jouw ambtsperiode een vlucht.

Voor veel inwoners betekende dat nét dat beetje extra ruimte om mee te kunnen doen.

Als wethouder Internationale Zaken bouwde je over onze landsgrenzen verder aan de reputatie van Den Haag als stad van Vrede en Recht.

Maar hoe ver je blik ook reikte, ook hier thuis hield je steeds oog voor de verantwoordelijkheid die deze titel met zich meebrengt.

Bijvoorbeeld door diepgaand het gesprek aan te gaan over het slavernijverleden.

Of door het realiseren van opvangplekken voor dakloze mensen en asielzoekers.

Juist zulke ingewikkelde dossiers maakten dat  je nog meer ‘aan’ ging.

Daarbij bleef je hameren op de menselijke maat.

 

Dit is een dankwoord, geen afscheid.

Want jou zien we hier straks terug in de raad.

Dank voor je harde werk, ook bij storm en tegenwind.

Dank voor je inspanningen om Den Haag socialer te maken.

Je hebt je laten gelden en dat zul je ongetwijfeld blijven doen.

Wens je daarmee veel succes.