Beste Mariëlle, beste Arjen, beste Co,

 

Bij jullie afscheid als wethouder in de raad heb ik jullie alle drie al persoonlijk toegesproken.

Dat zal ik hier niet nogmaals zo uitgebreid doen.

Toch lijkt een korte reflectie mij nog wel op zijn plaats.

 

Kijk, als we het vorige college zien als een voetbalteam,

dan stonden jullie drieën gezamenlijk op links.

Mariëlle en Arjen, jullie speelden in de basis. Waren erbij vanaf het begin.

Co, jij kwam als wissel het veld in, ergens halverwege de tweede helft.

Wat daarbij direct opviel, was dat jij je speelbeurt begon met links en rechts handjes schudden, als de échte verbinder die je bent.

 

Terugkijkend kunnen we concluderen dat het een spannende wedstrijd is geweest.

Vaak was er tegenwind in de raad.

En als de publieke tribune vol zat, was dat meestal met fans van de toenmalige oppositie.

Geregeld moesten jullie een stevige strijd leveren om raadsvoorstellen erdoorheen te krijgen.

Dat lukte best vaak, maar soms ook niet.

Zeker geen schande, want zoals een zekere voetbalfilosoof ooit zei:

“Je moet wel schieten, anders ken je niet scoren.”

 

En gescoord hebben jullie, elk met een eigen speelstijl.

Om maar wat punten te noemen:

Arjen, dankzij jouw inspanningen heeft Den Haag de eerste stappen gezet op weg naar een eigen warmtebedrijf.

Ook is er nu een netwerkstrategie voor mobiliteit én gratis openbaar vervoer voor jonge stadsbewoners.

Verder zette jij je in voor de verduurzaming van ruim 12.000 sociale huurwoningen, waardoor veel gezinnen hun energierekening hebben zien dalen.

Je toonde je daarbij een echte teamspeler, je ego zat je nooit in de weg.

Want het resultaat telde voor jou, niet of jij daarvoor persoonlijk de credits kreeg.

Passend bij iemand die de politiek instapte uit idealisme en oprechte bezorgdheid.

 

Mariëlle, dat idealisme is jou ook niet vreemd.

In een interview ter gelegenheid van jouw aantreden zei je al:

En ik citeer:

“Ik zal altijd opkomen voor de mensen die niet worden gehoord en gezien.

Ook wil ik onrechtvaardigheid en ongelijkheid bestrijden.”

Dat ben je met overgave blijven doen.

Door armoederegelingen te verruimen voor inwoners met een smalle beurs.

Door meer opvangplekken te realiseren voor vluchtelingen en dakloze mensen.

Door diepgaand in gesprek te gaan over het slavernijverleden en erop toe te zien dat het Trans-Atlantisch Slavernijmonument er daadwerkelijk kwam.

Daarnaast bouwde je in je rol als wethouder Internationale Zaken voort aan de reputatie van Den Haag als stad van Vrede en Recht.

Bij alles wat je voor elkaar kreeg, hield je steeds de menselijke verhoudingen in het oog.

En was graag bereid om dat uitgangspunt te verdedigen.

Want mensen, daar draait het uiteindelijk om in onze mooie stad aan zee.

 

Co, als invaller tekende jij ook voor de nodige treffers.

Soms gebeurde dat na een voorzet van jouw voorganger Martijn Balster,

zoals bij de oplevering van 220 sociale huurwoningen in Steenzicht.

Daarmee werd de vernieuwing en verbetering van Zuidwest echt tastbaar.

Je zette je ook in voor het Nationaal Programma in dat deel van de stad

en stak kleinere welzijnsorganisaties een helpende hand toe.

Je deed dat uit de volle overtuiging dat we ’t in Den Haag samen moeten doen.

Mensen bij elkaar brengen is inderdaad jouw grootste kwaliteit gebleken.

Daarnaast loodste je de Nota Woningvoorraad succesvol door de raad.

Jouw huzarenstuk was het wegwerken van het tekort op de plaatsing van statushouders.

Dat Den Haag als een van de weinige grote steden de opgelegde taakstelling behaalde, oogstte zelfs lof van de vaak kritische provincie.

 

Beste Mariëlle, beste Arjen, beste Co,

Jullie hebben het einde van de wedstrijd gehaald.

Zelfs met een minderheid in de raad.

Zélfs toen jullie als college tegen het einde met een man minder kwamen te staan.

Dat alles pleit voor jullie vasthoudendheid en doorzettingsvermogen.

Jullie bleven tot ver in de blessuretijd actief, onverminderd strijdend voor een zo gunstig mogelijke eindstand.

Totdat het laatste fluitsignaal weerklonk.

Of liever gezegd: de gong van jullie laatste raadsvergadering als wethouder.

 

Veel dank voor jullie harde werk voor alle Hagenaars en Hagenezen.

Veel dank ook voor onze samenwerking in het college.

Mariëlle, jou zien we snel weer terug in de raad.

Arjen en Co, ik ben benieuwd wanneer onze wegen elkaar weer zullen kruisen.

 

Besturen is zelden makkelijk.

Zeker niet hier in Den Haag.

En niet iedere politieke wedstrijd levert winnaars op.

Toch heb ik jullie nooit horen twijfelen aan het ‘waarom’ van jullie inspanningen.

Jullie deden het voor de inwoners van onze stad.

Een stad die beter achterblijft dan zij ervoor was, is misschien wel de mooiste overwinning die te behalen viel.

Hoop oprecht dat jullie met die gedachte op jullie wethouderschap zullen terugkijken.

Wens jullie veel geluk, gezondheid en succes, wat de toekomst ook brengt.

 

Dank u wel.