Meneer Klerk,
beste Bert,
‘Ga je lekker met je stekker?’
Dat hoorde ik onlangs een Hagenees met een diesel zeggen tegen een buurman die zijn elektrische auto aansloot op een laadpaal.
(Eigenlijk zei hij zoiets als:
‘Ga je lekkûh met je stèkkûh?’)
In zijn uitroep klonk een mengeling van afkeuring en afgunst door.
Toen ik later die dag de brandstofprijzen zag, snapte ik die jaloezie wel.
Waar dit verhaal naartoe gaat, wordt straks duidelijk.
Maar eerst nog een opvallend cijfer:
Van alle auto’s die vorig jaar in Nederland werden verkocht, was 85 procent minimaal deels elektrisch.
Een indrukwekkende transitie.
En zo komen we toch weer terug bij u, meneer Klerk.
Want u hebt aan die transitie een belangrijke bijdrage geleverd.
Uw professionele carrière speelde zich voor een groot deel af bij het ministerie van Economische Zaken,
bij de gemeente Den Haag en bij ProRail.
U vervulde daar directieposities, waar u met uw toekomstgerichte aanpak uw eigen stempel op drukte.
Ook toen uw gezondheid het rond 2011 liet afweten
en u noodgedwongen een stap terug moest doen,
stopte u niet met vooruitdenken.
Nog maar nauwelijks hersteld,
stak u uw energie alweer in vernieuwing
en in het werken aan een duurzame toekomst.
U werd voorzitter van het Formule E team,
een publiek-private samenwerking die in het leven was geroepen om elektrisch vervoer te stimuleren.
Zelf noemde u die samenwerking, en ik citeer,
‘het poldermodel in zijn puurste vorm’.
En u, meneer Klerk, kan polderen als geen ander.
U bracht partijen bij elkaar,
werkte mee aan het Klimaatakkoord
en zette zich op allerlei vlakken in voor een infrastructuur die elektrisch rijden mogelijk maakt.
Waarmee we dus ook weer terug zijn bij die ene Haagse laadpaal.
Veel van deze activiteiten ondernam u als vrijwilliger.
Dat was u ook bij het Haagse Koorenhuis, later de Kunst Onderwijs Organisatie.
En bij de Haagse hockeyclub HDS, waarvan u vijf jaar lang voorzitter was.
HDS staat voor ‘Houdt Dapper Stand’,
Dit motto past u ook persoonlijk.
Dat, beste Bert, hebt u keer op keer bewezen.
Van harte gefeliciteerd met uw Koninklijke onderscheiding,
waarvan ik u nu de versierselen die daar bijhoren mag overhandigen.